De Red Colobus monkey.
Een brutale Green Velvet monkey.
Als we Moses bellen staat deze een kwartier later voor ons met de auto en rijden we naar de bekende Senegambia Strip, waar in het immens grote Senegambia Hotel een art gallery is gevestigd. Helaas, ook hier vinden we niets van onze gading of iets wat binnen ons budget valt. Wel kopen we hier een goed vogelboek, want als we alle foto's van onze gevederde vriendjes thuis uit willen zoeken zal deze onontbeerlijk zijn.
Tijdens de rit met Moses komen twee dingen ter sprake. Hij is verbaasd dat we al meer dan 37 jaar getrouwd zijn en hij vraagt ons recht op de man af of dit niet 'boring' is. Ook hebben we het er over dat we beiden gestopt zijn met roken en dat hij dat ook wel wil. Op de terugweg naar de lodge maakt hij dan ook een korte stop bij een 'natuurgenezer' die hem vraagt diezelfde avond terug te komen zodat hij geholpen kan worden. Na het eten tref ik Moses al rokend aan buiten de poort van de lodge en hij laat mij een aantal sigaretten zien die de genezer heeft gemaakt en die hij vandaag nog op moet roken. Aan het gezicht dat hij trekt kan ik ongeveer de smaak van de sigaretten afleiden.
Na een hele late lunch wandelen we nog even naar de tuin en de begroeining daar omheen op zoek naar vogeltjes die we nog niet eerder gezien hebben. Na het avondeten en de gebruikelijke koffie zitten we met z'n allen in het donker rond het zwembad waar we een dans en drum voorstelling krijgen waar we zelf ook allemaal aan mee moeten doen. Iedereen doet zijn best evenals iedereen van de lodge. Van eigenaresse tot kok en van schoonmaakster tot tuinman, aan de gezichten kun je zien dat ze er schik in hebben. Zo wordt onze laatste avond in Farakunku een heel gezellige avond.
De gelegenheidsmuzikanten warmen zich op.
Gezelligheid met gasten en personeel.