• reisdag
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
  • 11
  • 12
  • 13
  • 14
  • 15
  • 16
  • 17
  • 18
  • 19
  • 20
  • 21
  • 22
  • 23
  • 24
  • 25
  • 26
  • 27
  • Home
  • Reisroute
  • Dierenwereld
  • Vogels
  • Contact









Dag 5, de Footsteps lodge en een dagje naar Banjul.

Voor de eerste keer deze vakantie hebben we de wekker gezet. Om 7 uur staan we op. We gaan vandaag na het ontbijt met Serani naar Banjul, de hoofdstad van Gambia.
Eerst wandelen we weer door het bos langs het Christelijke dorpje naar de hoofdweg bij Gunjur waar we voor de tweede keer deze vakantie in een bushtaxi stappen. We zitten met z'n tweeën voor in naast de chauffeur. (hij ziet er uit alsof hij pas 16 jaar oud is). Het is een klein busje voor 12 personen, maar hij zit volgepakt met 23 mensen. Buiten de chauffeur is er ook nog iemand die mee gaat en het geld int, een soort conducteur. Hij geeft ook aan wanneer je moet betalen en het geld wordt door iedereen naar hem doorgegeven.

Een rit van 1,5 uur kost ongeveer 1,50 euro, veel goedkoper als een taxi. Het leven in Gambia is voor ons heel goedkoop, maar brandstof is in vergelijking weer duur. We zitten prima voorin en kunnen alles op en langs de weg zien. Dat varieerd van loslopende dieren en wandelaars tot fietsers, ezelskarren etc.
Fietsers rijden aan beide zijden van de weg, zowel met het verkeer mee als tegen het verkeer in.


De rit gaat via Serekunda, waar we over moeten stappen in een ander busje, naar Banjul.
We stappen uit bij de Arch22, een herdenkingsboog over de toegansweg tot de hoofdstad, gebouwd na de militaire staatsgreep in 1996 wat leidde tot de aanstelling van een democratisch gekozen regering.
Na wat gedronken te hebben beklimmen we de Arch, waar helemaal bovenin een museum is gevestigd en van waaruit je een geweldig uitzicht hebt over de stad.
De stad wordt doorsneden door een hoofdweg. Ten noorden van deze weg bevinden zich alle gebouwen van de regering en andere overheidsinstanties en ten zuiden van de weg is het deel waar de bevolking woont.


Hierna wandelen we Banjul in en bezoeken als eerste het Nationaal Museum van Gambia. We hebben nog maar 15 minuten de tijd voor sluitingstijd, maar krijgen toch een leuke indruk van de geschiedenis van het land. Opvallend is dat in het museum huisraad en gereedschappen tentoongesteld zijn die in het binnenland nog dagelijks door een groot deel van de bevolking gebruikt worden.

Vervolgens lopen we met Serani naar de welbekende Albert Market. Een grote dagelijkse markt waar we ons echt niet thuis voelen. Hoewel het een toeristische trekpleister is schijnen wij de enige toeristen te zijn waardoor we niet met rust gelaten worden door opdringerige verkopers en het is er donker, druk en warm en er hangt een vieze lucht zoals eigenlijk in de hele stad hangt.


De ferry terminal is het volgende doel, maar op het strand ligt nog meer vuil te stinken als in de stad zelf. De ferry zelf is in Barra aan de overkant en we besluiten om geen een of twee uur te wachten om deze boot te kunnen zien.
Na een late lunch lopen we naar een klein pleintje wat fungeert als een soort busstation en waar we de bushtaxi terug naar Gunjur nemen. Deze keer zitten we opgevouwen in het midden en allebei stappen we na ruim een uur gebroken uit het voertuig. Ondanks dat is een rit in deze vorm van openbaar vervoer elke keer een belevenis.


Voor de eerste keer deze vakantie hebben we aan het eind van de middag allebei een heerlijke warme douche. De waterzak die normaal achter ons huisje aan een paal hangt hebben ze de hele dag ergens in de zon gelegd en vlak voor onze komst pas weer terug gehangen.
Na het eten en ons onmisbare kopje koffie zitten we weer een tijdje met de ober en de kok te kletsen waarna we best wel vermoeid om half tien op bed liggen.




copyright: 2015 - gambia.gradstaat.nl