Naast het museum staat een groot model van een slavenschip.
Vervolgens bezoeken we het schooltje in het dorp. Eigenlijk is er nu geen school, het is vakantietijd, maar er is een soort 'buitenschoolse opvang' vandaag voor jongere kinderen. Hier kunnen ze leren tekenen en schilderen, boetseren en muziek maken, vaak met eigen gemaakte muziekinstrumenten. Voor ons, die twee "boubabs" (blanken), zingen ze met z'n allen een liedje. Best wel vertederend.
We weten dat het een slechte toeristische periode is, maar dat de gids, nadat hij van Ans een fooi heeft gekregen naar mij toe komt om van mij ook nog wat te krijgen gaat me toch te ver.
De trip valt eigenlijk een beetje tegen, maar misschien hebben we er te veel van verwacht. De terugreis is wel voor herhaling vatbaar. Het is heerlijk weer zo op het water en die twee uurtjes die we nodig hebben zitten we heerlijk in het zonnetje. Op het stuk over de Gambia rivier vliegen de pelikanen rond ons bootje en diverse keren zien we sterns van grote hoogte in het water duiken voor een visje.
Plotseling een gil van Ans. Ze schrikt van een vis die vanuit het water over de rand springt en precies voor haar voeten in de boot terecht komt. Wij willen hem terug gooien in het water maar Omar heeft daar een ander idee over. Die gaat in de pan.
Over de Gambia rivier terug naar de lodge.
Bij thuiskomst hadden we graag een douche genomen, maar er is weer geen water. Solo, de manager heeft voor de deur van onze kamer 2 jerrycans met water neergezet en daar moeten we het maar mee doen. Ons wassen en de wc mee doorspoelen. Veel moeite om het ons naar de zin te maken wordt niet gedaan.
Na het eten doen we wat aan het inpakken van onze koffers en zitten een hele tijd met Lamin, de ober van de lodge, te kletsen en wat te drinken op het terras. Nog één nachtje flink zijn, dan kunnen we deze waardeloze plek achter ons laten.