• reisdag
  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5
  • 6
  • 7
  • 8
  • 9
  • 10
  • 11
  • 12
  • 13
  • 14
  • 15
  • 16
  • 17
  • 18
  • 19
  • 20
  • 21
  • 22
  • 23
  • 24
  • 25
  • 26
  • 27
  • Home
  • Reisroute
  • Dierenwereld
  • Vogels
  • Contact









Dag 10, De Bintang Bolong Lodge en trip naar het slaveneiland.

Uitslapen er niet bij vandaag en om 7.00 uur loopt de wekker af. Een half uurtje later zitten we aan het ontbijt en om 8.00 uur stappen we met Omar als onze gids in een gammel bootje voor een dagtrip waar we veel van verwachten naar James Island en het dorp Jufereh. Het is twee uur varen. Eerst een uur over de bolong totdat we de Gambia rivier bereiken waar we ook nog een uur nodig hebben tot we bij James Island aankomen. De temperatuur is heel laag, de zon gaat nog schuil en de wind maken dat we het heel koud hebben op het water.

Eindelijk komen we aan bij James Island, een klein eiland dat ongeveer in het midden van de Gambia rivier ligt die hier zo'n 8 km breed is. Op het kleine eiland zijn ruïnes te zien uit de tijd van de slavenhandel. Het eiland is Unesco Wereld Erfgoed en Omar probeert ons zoveel mogelijk te vertellen over de gruwelijkheden die hier plaats vonden. Het eiland brokkelt steeds verder af en alleen dankzij de baobab bomen is het nog niet helemaal in de rivier verdwenen. Ondanks dat dit voor Gambia een grote toeristische trekpleister is zijn wij vandaag de enige toeristen en eerlijk gezegd hebben we het na een half uurtje al wel gezien.


We varen verder naar het dorpje Albadarr, voorheen Jufureh, op de noordoever van de Gambia rivier en de geboorteplaats van Kunte Kinte. Een van de nakomelingen van deze naar Amerika gebrachte slaaf is de schrijver Alex Haley. Hij schreef het indrukwekkende boek Roots waarop de gelijknamige televisieserie is gebaseerd. In dit boek worden de gruwelijkheden vertelt van de slavernij.
We lopen een tijdje met een gids rond maar het dorpje zelf is niet veel. Helaas zijn we ook hier weer de enige toeristen en de enige mogelijke klanten van straatverkopers. Die laten ons dan ook niet met rust. Triest is het dat bij het binnenlopen van het dorpje er volwassenen staan die proberen ons snoep te verkopen die we dan volgens hen weer aan de kindertjes in het dorp kunnen uitdelen. Hun eigen kinderen waarschijnlijk.


In het dorpje is een klein museum over de slavenhandel. Heel indrukwekkend en we brengen er ook redelijk wat tijd door. Naast het museum staat een 10 meter lang model van een schip waarmee de slaven naar Amerika werden vervoerd. In het verleden kon je dit schip betreden, maar het model is oud geworden en begint slecht te worden. Gelukkig is het nu verboden om er op of in klimmen, maar foto's maken mag natuurlijk altijd.


Vervolgens bezoeken we het schooltje in het dorp. Eigenlijk is er nu geen school, het is vakantietijd, maar er is een soort 'buitenschoolse opvang' vandaag voor jongere kinderen. Hier kunnen ze leren tekenen en schilderen, boetseren en muziek maken, vaak met eigen gemaakte muziekinstrumenten. Voor ons, die twee "boubabs" (blanken), zingen ze met z'n allen een liedje. Best wel vertederend.
We weten dat het een slechte toeristische periode is, maar dat de gids, nadat hij van Ans een fooi heeft gekregen naar mij toe komt om van mij ook nog wat te krijgen gaat me toch te ver.

De trip valt eigenlijk een beetje tegen, maar misschien hebben we er te veel van verwacht. De terugreis is wel voor herhaling vatbaar. Het is heerlijk weer zo op het water en die twee uurtjes die we nodig hebben zitten we heerlijk in het zonnetje. Op het stuk over de Gambia rivier vliegen de pelikanen rond ons bootje en diverse keren zien we sterns van grote hoogte in het water duiken voor een visje.
Plotseling een gil van Ans. Ze schrikt van een vis die vanuit het water over de rand springt en precies voor haar voeten in de boot terecht komt. Wij willen hem terug gooien in het water maar Omar heeft daar een ander idee over. Die gaat in de pan.

Bij thuiskomst hadden we graag een douche genomen, maar er is weer geen water. Solo, de manager heeft voor de deur van onze kamer 2 jerrycans met water neergezet en daar moeten we het maar mee doen. Ons wassen en de wc mee doorspoelen. Veel moeite om het ons naar de zin te maken wordt niet gedaan.
Na het eten doen we wat aan het inpakken van onze koffers en zitten een hele tijd met Lamin, de ober van de lodge, te kletsen en wat te drinken op het terras. Nog één nachtje flink zijn, dan kunnen we deze waardeloze plek achter ons laten.



copyright: 2015 - gambia.gradstaat.nl